Sinds 1753
Wanneer een brouwerij in Cazeau werd opgericht is niet helemaal duidelijk, maar mogelijk werd er al voor 1753 gebrouwen. Het enige document dat getuigt van het bestaan van een brouwerij op die plek is een akte van boedelscheiding van 17 oktober 1753, waarin werd bepaald dat:
"Ten gevolge van de boedelscheiding verleden op 17 oktober 1753, krijgt Nicolas Descamps van zijn vader Jacques, overleden op 22 april laatstleden, diens geboortehuis dat bestaat uit een landgoed met een gerieflijk woonhuis, kamers, een stal, een poort, een waterput, een tapperij en een brouwerij. De laatstgenoemden worden in de volksmond de verd fachaud genoemd."
In 1755 huwt Nicolas met een zekere Marie-Anne Pottier, maar sterft vijf jaar later. De inbedroefde weduwe treurde niet lang en hertrouwt enkele maanden later met Jules Dujardin. Samen hebben ze een enige dochter, Julie, die in januari 1785 met Jacques Delecoeuillerie trouwt. Haar echtgenoot werd geboren in Fourcroix, een mysterieuze buitenwijk van Blandain, waar een cisterciënzerabdij floreerde sinds de 12de eeuw. Tijdens de grote boerenopstand van 1358 echter werden de monniken afgeslacht en de abdij was tot vergetelheid gedoemd. Sinds enkele eeuwen is de abdij volledig verdwenen.
Nadat een brand het landhuis in 1797 zwaar had beschadigd, nam Jacques Delcoeuillerie het landgoed over van de erfgenamen Descamps. Hoewel de moeder van Jacques de echtgenote van wijlen Nicolas Descamps was, had zij geen recht op het landgoed! In augustus 1795 werd Denis, de enige zoon van Julie en Jacques, geboren. Hun zoon bleef slechts brouwen tot in 1840, wanneer hij de brouwerij aan de "buitenstaander", Henri de Lannoy de Messines, overliet. Henri stierf in mei 1856.
Henri's erfgenamen echter waren niet bijzonder gesteld op Sint-Arnold en in augustus 1856 lieten ze de brouwerij over aan Denis Delecoeuillerie, die de brouwerij ook liever kwijt dan rijk was. In oktober van datzelfde jaar immers liet Delecoeuillerie de brouwerij over aan zijn neef, Jean-Baptiste Agache, een jonge Fransman van 31 jaar uit Willems in het noorden van Frankrijk. Twee jaar later trouwde hij met Dame Elisa Libert uit Hertain met wie hij twee zonen had. Arthur en Charles Agache begonnen opnieuw te brouwen in 1892. Eindelijk floreerde de brouwerij dankzij hun investeringen in machines en gebouwen en dankzij de forse uitbreiding van de verkoopspunten. Aan deze naarstige bedrijvigheid kwam een einde toen de Eerste Wereldoorlog in 1914 uitbrak. Europa was verscheurd en de Duitse bezetter eiste de koperen kuipen op voor de wapenindustrie. Jammer genoeg werd de brouwerij niet bestuurd door een schitterende leidster zoals Margrit Feldhof, maar door een plaatselijke Kommandantur die niet te vermurwen viel. De kuipen werden in moordmachines omgesmolten.
Na de Wapenstilstand in 1918 fusioneerde de Brouwerij van Cazeau met twee andere plaatselijke brouwerijen om opnieuw bier te brouwen in de Brouwerij Duchâtelet te Néchin. Het duurt echter nog tot 1926 vooraleer de nieuwe installatie in Cazeau operationeel was. De tweede zoon van Charles Agache, Maurice, nam het dagelijkse bestuur van de brouwerij over. Drie soorten bieren werden voortaan gebrouwen: scotch, klassiek bier (Priming), sterk bier (Triple Agache) en tafelbier (Super Familia). Maurice zou nog het hoofd aan een tweede wereldconflict moeten bieden. Nadat hij de brouwerij tijdens woelige tijden had geleid, besloot hij van een welverdiende rust te genieten en gaf hij de teugels over aan zijn tweede zoon, Jean Agache, die door zijn jongste broer Maurice werd bijgestaan.
De specialiteit van het huis, de Cazbier, was een amberkleurig bier dat met Pale Ale kan worden vergeleken. Tijdens de naoorlogse perioden hadden kleine artisanale brouwerijen van hoge gistingsbieren het hard te verduren. De naoorlogse consument verkoos de "pils", een laaggistingsbier van industriële makelij. De Brouwerij de Cazeau bleef als laatste over in de omgeving van Doornik. Net als vele andere brouwerijen besloot de brouwerij er de brui aan te geven en voortaan bier te verkopen in plaats van te brouwen.
